| Terug naar hoofdpagina | ||
Aanloop naar Fuerteventura.
|
|
|
|
Aankomst op Fuerteventura. Na 5 dagen op zee is een koel glas champagne wel verdiend!
|
|
|
|
||
|
|
Ontvangstcommittee. Annemarie + kinderen + Gijs op de steiger.
|
|
![]() Afscheid van Paul 'Withbread' Mantje.
|
|
|
In Castillo, de haven op Fuerteventura waren veel sportvissers actief. Deze heeft de vangst van zijn leven binnengehaald. Een 3 meter lange Blue Marlin, de 'fisherman's dream'.
|
||
Deze vis was zo groot en zwaar dat hij met behulp van een heuse kraanwagen van de boot afgetakeld moest worden.
|
||
|
|
![]() De windkust van Fuerteventura. Hier slaat de oceaanbranding met veel geweld stuk.
|
|
![]() Prachtig om te zien, maar niet geschikt om te zwemmen.
|
|
|
|
|
![]() Met zoveel kindertjes is het beter toeven in de zandduinen aan de andere kant van het eiland.
|
|
![]() Kilometers lange duinen van fijn zand strekken zich hier uit.
|
|
|
![]() Eén geweldige grote zandbak voor onze kindjes.
|
||
Zandkonijnen...
|
|
|
|
|
![]() Onvermoeibaar zandplezier.
|
|
De zuidkant van het eiland. Bergachtig maanlandschap.
|
|
|
|
|
![]() Bar and barren, zeggen de Engelsen, en dat zegt zo een beetje alles.
|
|
|
|
||
| Fuerteventura:
barren and bare!
Op vrijdag 5 oktober om 08.00 uur vaarden wij de haven van Puerto de Castillo binnen. Een gekke gewaarwording na 5 dagen en 5 nachten op zee. Dit werd nog eens versterkt door ons ontvangstcomitee bestaande uit Annemarie, kids en Gijs. Hoewel we natuurlijk meerdere keren "in den verre" vrienden uit Nederland hadden ontmoet, waren de zwaaiende armen en juichende stemmen een wel bijzonder warm onthaal. Om 08.30 uur schoot de kurk van de champagnefles en genoten we met z'n allen van dit bubbelende vocht. Na het uitwisselen van de eerste indrukken ging Jeroen, zoals al beschreven in deel 25, met vrouw en kinderen mee om zich in hun appartement op te frissen. Paul dook in de douche van de Marina en wij gingen schoon schip maken op de boot. We voelen beiden na een lange tijd op zee altijd sterk de behoefte om het dek te "ontzouten". Tico en Coos gingen met spuit en mop aan de slag, terwijl ik het binnen op orde bracht. We leken al een dag of wat een wat zure lucht van onder de vloerdelen te ruiken, maar konden zo 1, 2, 3 niet ontdekken waar het nu precies vandaan kwam of wat het was. De flessen wijn waren onbeschadigd en ook de groente en fruit waren bij lange na niet in staat van ontbinding of wat daaraan voorafgaat. Nader onderzoek een dag of wat later (de lucht werd écht ondragelijk) wees uit dat de blikjes bier en cola die we onder de vloer van de kajuittafel hadden weggestouwd, waren gaan lekken. En in een schommelend schip was dat sijpelende vocht lekker gaan gisten...... We hebben 17 blikjes bier LEEG onder de vloer vandaan gehaald en 13 blikjes cola. Oftewel een krappe 10 liter verspreidde zich al dágen (ook al tijdens de oversteek) over de vloer en in de bilge. Tijdens een siësta van Tico hebben we de gehele vloer ontruimd en deze rijkelijk met water en Andy besprenkelt, gesopt en gedweild. Dat ruimt op: letterlijk en figuurlijk! Terug naar 5 oktober: 's avonds gingen we met z'n allen uit eten in Castillo. Een alles behalve authentieke stad op Fuerteventura. Het is eerder een soort mega-Gran Dorado Park: alleen maar vakantiehuisjes, appartementencomplexen en hotels gebouwd en beheerd door meneer Barcello. Horeca en detailhandel zijn hier op volledig ingericht (en ook in eigendom van meneer Barcello); in geen enkele supermarkt kun je bijv. vlees krijgen (men wordt geacht in één van de vele restaurants te gaan eten). Behoorlijk Spaans eten vind je in dit toeristisch oord niet: we eindigden bij de Mexicaan. De drie kinderen (Stijn, Emma en Tico) waren door het dolle heen: vooral Emma en Tico gooiden alle remmen los en holden om de tafel heen, kropen onder stoelen door en dit alles gepaard gaand met behoorlijk wat vreugdekreten. Vlak voordat de maaltijd geserveerd werd, ging bij Emma het licht uit (het was eigenlijk ook al té laat): met hoogrode wangen en een opgelopen temperatuur ging Annemarie huiswaarts met haar. Tico deed zich te goed aan Mexicaanse pannekoeken en Stijn knabbelde aan een kale tortillawrap. Het was een gekke avond: er was zoveel te vertellen dat niemand wist waar ie beginnen moest. Tegelijkertijd waren de lijven na 5 gebroken nachten behoorlijk afgepeigerd en hakte het verkoelende biertje er flink in. Om 23.00 uur verlieten 5 volwassenen en 2 kinderen volledig afgeknoedeld het restaurant: iedereen droomde van zijn bed, een bed dat niet bewoog..... Tegelijk met ons was de Exuberance uit Gibraltar vertrokken. Dit is een iets grotere boot (X-44) met een krachtiger motor en elke dag waren ze een stukje verder op ons uitgelopen. Hun eerste "dry land" (op 4 oktober 's avonds) was de haven van Calero op Lanzarote. Aanvankelijk zouden ze direct de volgende dag doorvaren naar Fuerteventura, maar problemen met het roer weerhield hen. Ondernemend als Candace en André zijn, kwamen ze dan (zaterdag 6 oktober) maar met een andere boot: een grote catamaran die dagtrips maakt vanuit Calero, Lanzarote, naar Fuerteventure en terug. Het was goed hen weer te zien, te spreken en avonturen met elkaar uit te wisselen (zij hadden GRRRR wél een vis gevangen, maar .... geen dolfijnen voor de boeg gehad, zoals wij). Het weerzien zou tevens een afscheid voor een paar weken zijn, want ze gingen voor 3 weken "Europe doen" en en passant Candace's ouders in Parijs ontmoeten. Zondag 7 oktober moesten we afscheid nemen van Paul; het oceaanzeilen zat er voor hem (dit jaar) op. Hij miste zijn kindjes en vrouw. Én de kwartaalafsluiting bij zijn werkgever kon niet langer op zich laten wachten. Zijn aanwezigheid in Nederland was gewenst en noodzakelijk! Onze tijd op Fuerteventura zou een "vakantie" worden: gewoon luxe in een Marina liggen en even niet varen. Samen met Jeroen en Annemarie huurden we voor 2 dagen een grote auto: een Volkswagenbus (moderne versie). Hiermee konden we de ene dag het Noorden ontdekken en de andere dag het Zuiden. Fuerteventura is een vulkanisch eiland waar zo goed als niets uit zichzelf groeit. Alles wat je aan groenvoorziening aan treft is door mensenhanden aangelegd. Op veel plekken ziet de aarde, naast het lint asfalt dat van Noord naar Zuid loopt, eruit alsof er met grote bulldozers doorheen gegraven is, alsof er bommen zijn ontploft: zwarte en bruine stenen en steentjes op grote hopen en in diepe kuilen. Surrealistisch is het dan ook als je op enig moment enorme zandduinen ontwaart links en rechts van die strook asfalt. Mega-duinen met flinterdun en poezelig zacht zand. De klimduin bij Schoorl valt volledig in het niet. Prachtig en overweldigend om hier te lopen, te rennen, door het zand te rollen, er in te zitten en het fijne zand tussen je vingers te laten stromen. En dit alles met uitzicht op een wijdse en diepblauwe oceaan en onder een strakblauwe hemel. De kindjes vonden het ook helemaal geweldig en ontpopten zich als ware zandkonijnen. Terug bij de auto moesten we ze dan ook zo goed als van alle kleding (korte broek + hemd) ontdoen om een "klimduin" in de auto te voorkomen. Meer naar het Noordwesten word je geconfronteerd met een ruige kust; ruig in de zin van hoge en bruisende golven op een overigens prachtig breed zandstrand. Niet écht een strand om in zee te zwemmen (zéker niet voor de kindjes), maar wel degelijk de moeite van het bezoeken waard al was het maar vanwege het imponerende bulderende geluid van de brekende golven. Fuerteventura staat bekend om haar prachtige zandstranden en daar is geen woord aan gelogen. De tocht naar het Zuiden gaf weer hele andere vergezichten. We hebben een prachtige tocht door de vulkaanachtige bergen gemaakt: onvoorstelbare kale vlakten alsof we ons op de maan bevonden. Op sommige plekken liepen er brede en diepe "greppels" van enorme lengte alsof de aarde daar gescheurd was. Het kleurenspel was prachtig mooi: terra-rode aarde in allerlei nuances, van geel-oranje tot dieprood! Een smalle asfaltweg slingerde ons er door heen. Na een uurtje begonnen enkele passagiers zich wat misselijk te voelen: wagenziekte stak de kop op. Het was tijd voor een rustpauze. Ook de zuidpunt van het eiland heeft prachtige brede zandstranden met grote en vooral hoge golven waarop het wave-surfen volop wordt beoefend. Zwemmen was i.v.m. de krachtige brekende golven voorbehouden aan de "grote mensen". Op het strand waar wij een stop maakten, bleek een soort pierebadje van zout water te zijn ontstaan door het verschil tussen eb en vloed. Tico aarzelde geen moment en stortte zich vol enthousiasme met kleren en al in het water. Stijn en Emma waren wat dat betreft iets slimmer en ontdeden zich er eerst van. Het water was enkeldiep en dus perfect voor de kindjes; ze hadden grote pret met een voetbal waar ze voortdurend achteraan moesten duiken om te voorkomen dat ie door de harde wind zou wegwaaien. Jeroen en Annemarie verbleven in één van Barcello's appartementencomplexen; een dergelijk complex is van alle necessities voorzien. Vooral voor de kinderen is het een paradijs. Er zijn twee zwembaden, er is een speeltuin en er was een kermisachtige auto en helicopter (dat zijn van die apparaten waar je idealiter een gulden in gooit zodat het gaat bewegen en geluid produceert). De kinderen, vooral Tico en Emma, waren hier niet van weg te slaan. Zelfs het aanvankelijk door Tico hartstochtelijk begeerde zwembad liet ie er voor links liggen. Overigens stond dit soort speelgoed zo ongeveer op elke straathoek. En de eerlijkheid gebied mij te zeggen dat ik de uitvinder van die apparaten geprezen en verguisd heb: geprezen als wij rustig op een terrasje van een drankje konden genieten terwijl die kinderen zich op de dolfijn, de trein, de motor, de auto, het paard (of wat niet nog meer) vermaakten. Verguisd als we wilden gaan en de kinderen er met geen 10 paarden vandaan te krijgen waren en dit dus met "geweld" (lees: veel tranen) gepaard moest gaan. Na een krappe week gezamenlijke vakantie namen we 's ochtends afscheid van Jeroen: hij vloog onafhankelijk van vrouw en kinderen en via een tussenstop in Madrid (of was het nu Barcelona?). 's Middags zouden we afscheid nemen van Annemarie, kids en Gijs; zij vlogen 's avonds rechtstreeks op Schiphol. Door miscommunicatie over hoe laat, waar en hoe hebben we elkaar misgelopen en konden we geen afscheid nemen van elkaar. Dat was even hartstikke balen en zuur, maar gelukkig hadden we nog een bezoek van mij aan Nederland in het vooruitzicht. Tja, en toen was het gezin Keijser voor het eerst sinds lange tijd weer op elkaar aangewezen; even geen Nederlandse vrienden op bezoek, even geen opstappers, geen Amerikaans- Frans gezelschap. Gewoon even Coos, Martine & Tico! Althans, dat dachten we...... Op een nacht werd Coos wakker van iets.... hij kon het geluid niet direct thuisbrengen, maar er zat "iets" op onze boot en misschien zelfs IN onze boot. Gewapend met zaklamp liepen we op onze tenen naar de keuken, alwaar het geluid volgens Coos vandaan kwam. Sterker nog, volgens hem kwam het geluid uit het keukenkastje. Bang voor wat we zouden aantreffen, deden we met uitgestrekte arm en slechts vingerbediening het kastje open. We waren klaar voor een opspringende muis, maar niets van dat alles. We schenen wat in het kastje, tilden voorzichtig wat spullen op, maar zagen (of hoorden) niets. Ik had überhaupt niets gehoord, dus ik vermoedde dat Coos het misschien allemaal wel gedroomd had. Tenslotte zat de insluiper nog redelijk vers in ons geheugen en dus misschien ook wel in ons onderbewustzijn. We gingen terug naar bed. Althans, dat dachten we.... Vlak voordat ik mijn bed weer in kroop, hoorde ik nu toch ook heel duidelijk een geluid uit de keuken komen. Alsof er iets ergens doorheen kroop. Weer terug met de zaklamp voor een nieuw onderzoek; "misschien dat er iets onder de oven zit of in het kastje onder de oven?" Coos scheen met de zaklamp terwijl ik heel voorzichtig het kastje opende er er wat pannen en schalen uithaalde. Niets..... "Wat was dat toch?" Terwijl ik me even omdraaide, gaf Coos een schreeuw. Hij zag het "geluid" over het aanrecht rennen, het klom naar boven op het keukenkastje waar zijn sigaren liggen. "Een muis", riep hij, terwijl hij zijn zaklamp als gebiologeerd op het beest bleef schijnen. Ik zag het beest nu ook: een donkerbruin knaagdier met een lange staart. In de verste verte geen muis, erger nog,.... EEN RAT!!!! Gatverdamme, jak, wat vies! Dat beest moest als de wiedeweerga van de boot af en wel nu meteen! Coos scheen nog steeds met de zaklamp in de ogen van die rat en in de richting van de kajuituitgang. Of dat nu écht geholpen heeft, weten we niet, maar we hebben de rat er wel mee UIT de boot gekregen. Nu moest ie er nog AF. Maar ja, tegen de tijd dat wij ook buiten waren, was die rat nergens meer te bekennen. En hij kan zich op héél véél plekken op het dek verstoppen: in de luchthappers, in de ankerbak, in de fenderbak, in de zak die om de fok zit, onder de huik van het grootzeil, in de kuip, in een gasbunkastje en ga zo maar door. "Oh mijn God, als dat beest nu maar van de boot af gaat en zich niet dagenlang verstopt en zich vervolgens op een alles- vernietigende knaagklus stort waarbij niets, maar dan ook niets, meer veilig is." Een kwartier zoeken leverde niets op. We gingen weer binnen, hadden alles hermetisch afgesloten (direct gedaan nadat ie naar buiten geglipt was) en probeerden maar weer wat te slapen. HAHA, slapen: ik kon alleen nog maar denken aan dat vieze beest wat in mijn huis had gezeten. En dat we een hernieuwd bezoek op de boot niet zouden kunnen voorkomen. Je leest wel in verhalen over mensen die grote mayonaise-emmerdeksels om hun landvasten bevestigen waardoor de doorgang voor dit ongedierte komende vanaf steigers of uit het water wordt belemmerd. Maar ja, die methode ging voor ons niet op; we lagen nl. aan een vingersteiger en die beesten kunnen dan -zelfs als je alle lijnen van de kant naar de boot zou beveiligen- nog steeds via de fenders op je boot klimmen. Na 5 minuten hoorden we het beestje trippelen over het dek. Als een windhond schoot Coos mét zaklamp uit bed op het dek. Te laat! De rat was niet meer te zien en niet meer te horen. Wéér terug in bed en wachten op geluid. Maar dit keer bleef het erg lang stil en uiteindelijk vielen we dan toch weer in slaap. Hopelijk was het smerige beest van boord gegaan...... de tijd zou het uitwijzen..... (inmiddels zijn we 4 weken verder en kunnen we verheugd mededelen dat de rat inderdaad het schip heeft verlaten om niet meer terug te keren, bij ons althans....) Langzaam maar zeker gingen we ons voorbereiden op vertrekken. We zouden Fuerteventura verlaten om naar Lanzarote te varen; een eiland ten noorden van Fuerteventura. Op een zaterdag was de wind gunstig, hetgeen hier betekende dat het niet waaide (de heersende wind komt uit het noordwesten of noordoosten). Op zee bleek er toch een briesje te staan, maar niet sterk genoeg om ons echt parten te spelen. Met gehesen zeilen en de motor bij vaarden we naar Calero, Lanzarote.
|