| Terug naar hoofdpagina | ||
|
|
Terug in Bequia. Inmiddels bekend terrein voor ons.
|
|
Nog even een paar dagen genieten van de Tobago Cays.
|
Tico en zijn Duitse vriendinnetje Luca. Luca vaart met haar ouders Bernt en Kerstin op de Me Ne Vado, een Sunbeam 44. Op moment van het life gaan van dit verhaal varen zij door het Panama kanaal...
|
|
|
|
Martine in het topje van de mast om de gebroken val te vervangen. | |
|
|
Aankomst in Iles des Saints. Na 90 mijl upwind varen met hoge golven, stroom en harde wind is het altijd een genot om een beschutte baai binnen te varen.
|
|
![]() Schilderachtig Iles de Saints. Artistiek stukje Frankrijk in de Carieb. Ieder uitzichtspunt geeft plaatjes die je op ansichtkaarten aantreft.
|
|
|
|
|
Wij zagen ook de schaduwzijde van deze baai; 45 knopen valwinden, slepende ankers, stikdonker...
|
|
Op de scooter het eiland rond. Altijd weer leuk om met zijn drietjes op die manier een eiland te verkennen. Probeer dat maar eens in Nederland...
|
|
|
|
|
Bemanningen van Candide en Exuberance aan wal. Inmiddels varen we al 6 maanden met elkaar op...
|
|
Zelfs Tico kan inmiddels ook genieten van prachtige vergezichten
|
|
|
|
|
Wandelend in de bossen kom je geitjes en kippen tegen.
|
|
|
De boot blijft een grote speelplaats voor Tico. Telkens ontdekt hij weer iets nieuws om zich mee te vermaken.
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| Op weg -tegenwind-naar de
Leewards! De tocht vanaf Salt
Whisle Bay naar Bequia was heerlijk. Eindelijk eens even niet tegen de
wind in zeilen. En dat terwijl we wel pal naar het Noorden moesten
varen. Aldaar werden we met vooruitgevaren dinghy en luid scheepsgetoeter enthousiast onthaald door de luitjes van de Exuberance. Na onze ankermanoeuvre zijn we naar ze toe gegaan; we moesten hoognodig bijpraten daar we elkaar twee weken niet gezien hadden. De dagelijkse kletspraatjes via de SSBradio op een vast tijdstip daargelaten. Champagne! De champagne stond koud en smaakte voortreffelijk. Vervolgens kwam de zelfgemaakte slime-rumpunch op tafel (slimy vanwege de erin verwerkte verse passievruchten). En toen deze op was, werd er nog een fles koele witte wijn opengetrokken. En dat alles op een praktisch nuchtere maag. Het was bijzonder gezellig, maar al die drank hakte er behoorlijk in. De volgende ochtend, toen de man met de hamer bij ons allen op bezoek was, namen ons voor ons drank(mis)- gebruik te reduceren tot één, hooguit twee, flessen per gelegenheid...... Yoghurt! Na dagenlang leven vanuit onze voorraadkast, zijn we ons in Bequia te buiten gegaan bij het delicatessenwinkeltje van Doris. Deze vrouw importeert allerlei lekkernijen uit Europa en Amerika. Denk hierbij aan Mozarellakaas, mals vlees en meer van dat soort in jullie ogen gewone dingen. Ook verkoopt Doris lokale yoghurt van een lokale koe. Zalig dik en romig. OK, je moet niet willen weten wat het kost, want dat zou het genieten kunnen beïnvloeden (Of toch wel nieuwsgierig? NLG 16,-- voor krap een liter). Na nog een korte een zuidelijke stuiptrekking (twee dagen Tobago Cays), zouden we definitief naar het Noorden varen, naar de Leeward Eilanden. En deze trips zouden gekenmerkt worden door harde wind uit het noordoosten, kracht 5-6-7 en ruige zeeën. Aan de wind! De trip van Bequia
naar Marigot Bay, St. Lucia was zwaar! Natúúrlijk hadden we ons
voorbereid op wind tegen, maar soms was het niet alleen wind tegen, maar
ook golven tegen en ook nog eens stroom tegen. Vooral daar waar we uit
de lij van het eiland kwamen, waren de golven op z'n slechtst; hoog en
onregelmatig en de stroom op z'n sterkst: zéker 1 knoop stroom. Eenmaal
vrij op open water, waaide het nog steeds wel hard, maar was de zee
regelmatiger. Op de motor! De tocht van St. Lucia naar Martinique was -voor de verandering- lekker rustig. Er was zelfs te weinig wind om te kunnen zeilen en dus motorden we het gehele stuk. In Le Marin besloten we te kiezen voor de relatieve luxe van de Marina: ongelimiteerd stromend water en 220 volt stroom. We hadden hier diverse klussen te doen: nieuwe val door de mast geleiden, genuazeil laten repareren, nieuwe ankerketting aanschaffen en provianderen in hypermarchee (de franse eilanden zijn beduidend goedkoper dan de andere eilanden en je hebt een breed assortiment). Vervolgens zouden we via twee stops in Dominica (zelfstandig) naar Iles des Saints (franse kolonie) varen. Maar een tijdschema begon inmiddels aan mij te knagen (eind maart in St. Maarten zijn) en het idee om in Martinique uit te klaren, in Dominica in te klaren, vervolgens een dag later op Dominica weer uit te klaren om in Iles des Saints weer op frans grondgebied in te klaren maakte mij bij voorbaat al vermoeid. Waarom niet gewoon Dominica skippen en in één ruk doorvaren naar Iles des Saints? OK, dat is een tocht van 90 mijl, maar dat scheelt je een hoop douanegedoe. En zo gezegd, zo besloten. Weer aan de wind! We vertrokken om 15.00 uur (ja, ook deze lange tocht werd hoofdzakelijk 's nachts afgelegd) uit de baai van Grand Anse d'Arlet. De wind kwam uit het noordoosten en we zouden dus wéér tegenwind hebben (jek, what's new?). We waren nog geen 10 mijl onderweg of flatsch....... de val van de stagfok klettert naar beneden. Mijn God, hebben wij dat. Voor zover Coos het kon zien vanaf het dek, was er een harpje doorgebroken; vermoedelijk metaalmoeheid na langdurig en intensief gebruik. Wat nu? We wilden de lange tocht met grote kans op harde wind aanvankelijk niet zonder de stagfok maken. We lieten de verschillende alternatieven bezinken alvorens een definitieve beslissing te nemen. Uiteindelijk zouden we doorvaren naar de meest noordelijk gelegen ankerbaai van Martinique (St. Pierre) om daar de mast in te gaan om het harpje te vervangen. Terplekke zouden we dan beslissen of we door zouden gaan of de tocht één dag zouden uitstellen. Maandenlang reizen heeft ons inmiddels wel geleerd om te gaan met onvoorziene omstandigheden en het gefaseerd nemen van beslissingen: one step at a time. Tegen de tijd dat we bij St. Pierre waren en al die tijd hadden gevaren met een gereefde genua, hadden we allebei een goed gevoel bij "gewoon doorvaren". En zo gezegd, zo gedaan. Maar
dit was makkerlijker gezegd dan gedaan. De Exuberance die één uur
varen voor ons lag, "belde" op enig moment op de VHF en bracht
verslag uit over harde wind en hoge golven. Zomaar uit het niets, was ik
opslag bloednerveus en voelde ik de zeeziekte in mijn lijf ontstaan.
Afleiding door even met Tico te gaan spelen, hielp niets. Buiten zitten
met mijn neus in de wind, hielp niets. Uiteindelijk ben ik met de
afwasteil omarmd in de loodskooi gaan liggen en daar gebeurde het.....
Voor de eerste keer sinds bijna een jaar varen, moest ik onbedaarlijk
overgeven. Hoewel ik overgeven buitengewoon vervelend vind, heeft het
één groot voordeel: opluchting. Na deze lediging van mijn maag, voelde
ik me stukken beter en ben ik zalig in slaap gevallen. Coos hield buiten
de wacht en Tico lag lekker te slapen. Frankrijk in de West! In de Iles des Saints hebben we het heerlijk gehad; een prachtig klein eilandje en ongelofelijk frans. Alsof we ons in Bretagne of Normandië bevonden. Het enige stadje, Bourg des Saints, ademde een heerlijk relaxte atmosfeer uit. Kuierend door de straten voelde het als "vakantie". We hebben met z'n allen scooters gehuurd en zijn het gehele eiland rondgecrossed: prachtige uitzichten, mooie stranden en woeste kusten. Anker"drama"! Het enige dat deze rust verstoorde was de onrustige ankerbaai van Bourg des Saints. En het is toch vrij cruciaal dat je goed voor anker ligt. We lagen aanvankelijk op een A-1 lokatie, een spot die redelijk gevrijwaard leek van de valwinden en de swell. Ons anker had zich goed ingegraven, dachten we..... Toen we 's avonds terugkwamen na een heerlijk en gezellig avondje uiteten, meldde onze Canadese buurman al, toen we nog in het bijbootje zaten, dat onze boot was gaan draggen (slepen) en zelfs tegen de zijne aan was gekomen. Gelukkig had hij noch wij daar schade aan overgehouden, maar leuk is anders. Als de gesmeerde bliksem klauterden we aan boord, legden Tico in bed (hij snapte alle consternatie niet helemaal) en startten de motor. De valwinden die we overdag niet hadden gehad, kregen we nu in volle hevigheid over ons heen. Omdat ik me niet zeker voel achter het stuurwiel als het heel hard waait en het belangrijk is de boot op dezelfde plaats gemanoeuvreerd te houden, deed ik het anker. In onvoorstelbaar rap tempo lierde ik, in mijn hippe uitgaanssetje, ruim 30 meter NIEUWE ketting omhoog (moet er niet aan denken als we nog die oude ketting hadden gehad.....). Twee nieuwe ankerpogingen op dezelfde spot mislukten. Het anker groef zich niet goed in. In het donker en slalommend tussen alle boten, zochten we een ander plekje. Deze plek vonden we en met vlagen van 40-45 knopen wind (windkracht 8-9!) lieten we het anker vallen. Op deze plek hield het anker goed, maar omdat de wind van verschillende kanten van de berg kletterde, bleven we behoorlijk zwaaien en zwieren achter het anker. En hierdoor kwamen we weer te dicht bij een andere boot. Oftewel, weer het anker omhoog halen en weer een nieuwe plek zoeken. Dit keer weken we maar uit naar de buitenrand van de ankerplaats. Voordeel was dat we nu ruimte genoeg hadden. Nadeel was dat het water beduidend dieper was (20 meter) en we dus veel ketting moesten laten vallen en dat we meer in de swell lagen.
Rust?!
En nog een keer aan de wind! Inmiddels was de harde wind wat afgenomen en bereidden we ons voor op de aan-de-windse tocht naar Point a Pitre te Guadelope. Gelukkig was het maar 20 mijl varen; een ochtend doorvaren. Ook Guadelope is een franse kolonie. We konden nog even blijven genieten van frans stokbrood, croissants en de EURO. En in Point a Pitre hadden we het vooruitzicht op een heuse Marina!!! Rustig liggen, stil liggen en gewoon via de loopplank van de boot op de kant stappen. Een heerlijk vooruitzicht!!
|